
Homoseksualiteit zonde noemen strafbaar?
In een analyse van Dick Schinkelshoek in het Nederlands Dagblad wordt de stelling geponeerd dat je erop kunt wachten totdat het strafbaar wordt om homoseksualiteit een zonde te noemen. Dit is het gevolg van onbegrip in de samenleving én het onvermogen van de kerken om daar op een heldere en begrijpelijke manier iets tegenover te zetten. Het zette mij aan het denken.

Schinkelshoek stelt het aldus: ‘…stuk voor stuk gaan die gevoelens voorbij aan het feit dat de kerken blijkbaar al een tijdlang niet meer erin slagen om in normale mensenwoorden uit te leggen waarom ze nu juist dit thema zo belangrijk vinden.’ Dit geldt voor de buitenwereld, maar ook voor mensen binnen de kerk: ‘De buitenwereld begrijpt het niet en steeds meer van de eigen kerkleden begrijpen het evenmin. Zij vragen zich af: hoe kan God iets verbieden wat mensen in hun diepste wezen gelukkig maakt en verder niemand schade doet?’
Mijn reactie? Was het maar zo dat een begrijpelijke uitleg alles anders zou maken. Was het maar zo eenvoudig. Ik denk dat hier sprake is van veel meer dan slechts een communicatieprobleem. Ik denk dat het denken over homoseksualiteit en gender één van de vele uitingen is van de kloof tussen kerk en wereld, tussen geloof en ongeloof. Een kloof waarvan de Bijbel al leert dat die er is en altijd zal zijn.
De Bijbel zegt…
Dat begint bij onze uitgangspunten. De Bijbel is bij vlagen een complex boek, waarin niet alles eenvoudig te begrijpen is. Dat is waar. Maar op het gebied van gender- en seksualiteit is de Bijbel vrij helder. Hoewel velen dat geprobeerd hebben, zeker vandaag de dag, is het volgens mij niet mogelijk om de Bijbel anders uit te leggen dan op de wijze die de kerk al eeuwen heeft gebezigd: er zijn twee geslachten en seksualiteit wordt beleefd tussen man en vrouw in binnen de veiligheid van het monogame huwelijk. Tuurlijk, er zijn gevallen denkbaar waarbij dit toch anders is en loopt, maar dit zijn de uitzonderingen. De regel is duidelijk en dat is voor mij de basis.
Mijn uitgangspunt namelijk bij het benaderen van welk eender onderwerp dan ook is Gods Woord. Binnen de grenzen ervan denk ik. Als ik persoonlijk worstel met iets en de Bijbel houdt mij daarin een richting voor, dan is dat voor mij leidend. Er is geen andere grond dan het Woord alleen. Wat ik zelf ook denk, wat de wereld ook roept, wat de omstandigheden ook zijn: ik probeer zoveel mogelijk Gods Woord te volgen. Dat is volgens mij gelovig zijn.
De wereld echter begrijpt dit niet en helaas ook een deel van de kerk niet meer. Daar wordt geloofd in de menselijke rede, in wat de wereld zonder God zegt dat goed is, in wat er uit allerlei, al dan niet ideologisch gedreven hoek op ons wordt afgevuurd. Dat staat uiteindelijk boven wat de Bijbel zegt en het bepaalt hoe Gods Woord gelezen, begrepen en geïnterpreteerd wordt.
Naar mijn idee is dit dan ook dé belangrijkste reden waarom wij niet meer begrepen worden als behoudende, Bijbelvaste christenen: er is een verschil in denken vanuit een totaal andere basis, een totaal ander denkraam. En wat je er ook aan communicatie op loslaat: het gaat dit niet wegnemen. Het is alsof je in verschillende talen langs elkaar heen roept en elkaar niet begrijpt of verstaat. Dat is hoe ik dat meer en meer ervaar. Ik zie dit in de toekomst helaas niet minder, eerder meer worden.
Wat maakt het uit?
‘Hoe kan God iets verbieden wat mensen in hun diepste wezen gelukkig maakt en verder niemand schade doet?’
Dat is een belangrijk argument in veel (ethische) kwesties waarop wij als Bijbelvaste christenen geen begrijpelijk antwoord zouden hebben, zo klinkt. Bovenstaande uitspraak is een gevolg van de neo-liberale denkwijze van onze tijd: de mens is vrij en als het niet ten koste gaat van een ander moet alles kunnen.
Maar dit gaat voorbij aan het feit dat er heel veel dingen zijn die wij verbieden die mensen gelukkig maken en die verder niemand schaden. Zo mag je niet zomaar in het bos dieren stropen, ook al word je gelukkig van het eten van wild vlees op deze manier en bespaar je kosten door het zelf te jagen. En al brengt een gestroopt konijn brengt verder niemand schade toe, het mag niet. Of neem roken: daar kunnen mensen heel gelukkig van worden en als je in je eigen kamer rookt als je alleen bent, breng je ook niemand schade toe (behalve jezelf, maar ja… dat moet je toch zelf weten, zo leert het neo-liberalisme. Daar gaat een overheid of kerk niet over). Toch willen heel veel mensen het roken het liefst direct compleet verbieden. Of neem het kijken naar getekende (anime)porno, bijvoorbeeld van hele jonge meisjes: daar heeft niemand last van, dat is niet ten koste van gemaakt én mensen menen er gelukkig van te worden. Toch zijn velen terecht van mening dat dit niet deugt. Wij kijken hier als samenleving met recht bedenkelijk naar en zien het als iets dat moet worden afgewezen. Dit is niet normaal. Velen zullen zelfs zeggen: dat is ziek. Als echter alleen het argument is: jij wordt er ten diepste gelukkig van en je brengt er verder niemand schade mee toe… waarom is dit dan niet goed?
Acceptatie
We moeten accepteren dat de wereld niets van God wil weten. Jezus zegt dat de wereld God en alles van Hem haat, te beginnen met de Zoon en Zijn offer en daarmee ook Zijn gemeente (Joh. 15). Begrip voor het geloof of wat de Bijbel vindt is er niet en naarmate de secularisatie doorzet zal het onbegrip alleen maar groter worden. Dit is onvermijdelijk. Temeer daar de goddeloze mens wel op zoek is naar antwoorden en als ze die niet meer uit de Bijbel halen, zullen ze die elders zoeken en vinden. Ideologie is onze tijd wat dit betreft geen vies woord meer en dat wakkert verder onbegrip en zelfs vijandigheid aan.
Ik denk dat het probleem dat Schinkelshoek schetst simpelweg een gegeven is van de wereld waarin wij geplaatst zijn. Het Bijbelvaste christelijke geloof staat steeds meer haaks op de wereld en de mensen van de wereld. Die begrijpen het niet. En als ik voor mezelf spreek: ik begrijp de wereld ook steeds minder.
Dat is veel meer dan een communicatieprobleem, dat is een fundamentele kloof die terug te voeren is op grondbeginselen van de Bijbel en wat Jezus zelf leert. Het hoeft ons dan ook niet te verbazen. Laat de wereld hun overtuigingen. Wij volgen Jezus. De tijd dat wij als kerken dit land kunnen sturen, veranderen of beïnvloeden ligt ver achter ons en dat vind ik persoonlijk helemaal niet erg. Laat de kerk maar de tegenbeweging zijn die het licht van Jezus de wereld in helpt. Laten wij maar zout zijn dat smaak geeft, maar ook zuivert en irriteren kan. En wat voor gevolgen voor kunnen zijn? Dat zien we dan wel weer. Dat is waar we - net als vele andere gelovigen uit de geschiedenis van de kerk - mee hebben te dealen. De vraag moet niet zijn: hoe maken we duidelijk dat we niet raar zijn in wat we vinden? De vraag moet zijn: hoe brengen we die 'vreemde' boodschap van Jezus bij mensen? Want daar zit nog evenveel kracht in als altijd. Willen we blijven staan voor wat ons geloof leert? Ook als dat door de wereld als dwaasheid wordt bestempeld? Of als intolerantie of misschien zelfs ooit wel als discriminatie? Of buigen we dan maar mee? Het christelijke geloof dat overleeft door alle eeuwen is het geloof dat vasthoudt aan wat is overgeleverd en wat de Bijbel leert. Daar zit kracht, want Jezus is de wijsheid en kracht van God (1 Kor. 1: 24), ook al denken de wijzen van deze wereld daar precies tegenovergesteld over. Jezus en de Bijbel zijn dwaasheid voor velen, maar voor ons is het leven in overvloed.
Roelof Ham
Wil je deze content helpen mogelijk te maken? Je kunt ons werk steunen door een gift te geven.